Susan Smit: De eerste vrouw

Lang, blond, inspirerend, open en fijngevoelig. Zo zou ik schrijfster Susan Smit het best kunnen omschrijven. Op 11 november jongstleden gaf zij bij boekhandel Broekhuis in Hengelo een lezing over haar nieuwste boek ‘De eerste vrouw.’ Een meeslepende, op feiten gebaseerde roman over de stormachtige liefde tussen twee van de grootste filmsterren van de twintigste eeuw, Lou Tellegen en Geraldine Farrar.

Nog niet eerder ben ik bij een lezing van een schrijver aanwezig geweest. Voor een boekenwurm als ik is dat opmerkelijk. De boekhandel is voor de gelegenheid ingericht met rijen stoelen. Ik neem plaats op de voorste rij, zo kan ik alles goed zien. Langzaam stromen de mensen binnen, allemaal vol verwachting wat de avond gaat brengen.

img_8619

Susan Smit is een opvallende verschijning en trekt meteen de aandacht. Samen met Ivan Borghstijn, die haar gaat interviewen, neemt ze plaats in de stoelen die voorin de zaal zijn neergezet. Ze begint met het voorlezen van de proloog uit het boek.

Iets na middernacht rinkelt de telefoon. Mijn vader verkeert in slechte gezondheid en ik haast me naar de woonkamer. Als ik de hoorn oppak, vraagt een man of ik het ben. Ik bevestig, buiten adem. De zakelijke toon van de man stelt me gerust. Deze stem is niet van iemand die slecht nieuws brengt. ‘Ik ben van de pers en dacht dat je waarschijnlijk wel zou willen weten dat Lou Tellegen overleden is.’ Het horen van je naam jaagt mijn hartslag omhoog. Dat je bent gestorven dringt niet meteen tot me door.

Ik heb van je gehouden zoals een mens waarschijnlijk maar één keer in zijn leven lief kan hebben. Ik aanbad jou, maar evenzeer mijn beeld van jou. Ach, de fantasieën waarmee we onze lusten bekleden. Ik was jong en begreep nog niet dat de blik waarmee we onze beminde bekijken meer zegt over ons eigen hart dan over dat van de ander. Dat de werkelijkheid mettertijd de droom verjoeg is niet meer dan een wetmatigheid – een die maar het best zonder bitterheid kan worden aanvaard.
Ik werd aangetrokken door je duisternis, niet door je licht. Het was een fataal, onherroepelijk wenken, als de zuigende kracht van een inktzwarte diepte. Je donkerte hing zwaar om me heen. Tegelijk scheen er speelsheid door je mannelijke ernst, met het aplomb van een straatjongen. Het was een lichtzinnigheid waardoor je nooit echt door de bodem leek te kunnen zakken, onder welke omstandigheden dan ook. Je was een schooier met de voornaamheid van een heer, de spieren gestaald en het gezicht aristocratisch. Je profiel scherp en krachtig, zoals ze die in de jaren erna op talloze filmaffiches zouden afdrukken, meestal omlaagkijkend naar een willige dan wel tegenstribbelende vrouw in je armen.
Bij onze eerste ontmoeting was je een raadsel voor mij, maar je grondtoon bereikte me al. Het was een lage brommende toon, even adembenemend als angstwekkend, die alles zou overstemmen als het de kans kreeg.
Ik heb je mijn leven binnengelaten in het volle besef dat ik daarmee alles in de waagschaal stelde – alles wat ik had bereikt, alles wat ik had verworven. Ik deed het in een oogwenk, al deed ik het voorkomen alsof je me nog voor je moest winnen. ‘Wat voel je bij dit nieuws en wat heb je erover te zeggen?’ De stem van de man aan de andere kant van de lijn heeft nu een opgewonden trilling. Ik had verwacht dat mijn verlangens door de jaren heen zouden zijn weggesleten, dat ze samen met mijn rancunes en ressentiment zouden zijn vergaan. Maar de tijd heeft zijn helende werk niet gedaan. En je dood brengt geen genade.

Er zou een lied moeten bestaan over jou en mij. Ik zou het zingen met een ijle stem waarin beurtelings ontreddering, opvlammende hoop en afweer doorklinkt. Ik zou mijn stem laten janken, klimmen, dalen, bibberen en jubelen. Ik zou het eenmaal zingen. En nooit weer. Ik tast naar de tafelrand en daarna naar de leuning van de bank, sta voorovergebogen. Het voelt alsof iemand een bal tegen mijn buik heeft geschopt. ‘Waarom zou zijn dood mij iets interesseren?’ vraag ik kalm en ik verbreek de verbinding.”

Ik beleef de eerste bladzijden van het boek voor de tweede keer, alsof ik er zelf bij ben. Susan kan prachtig vertellen en de hele zaal luistert ademloos toe.

img_8629

Nu is het de beurt aan Ivan. Aan de hand van zijn vragen vertelt Susan over de totstandkoming van het boek, beschrijft zij haar personages en waarom zij heeft gekozen voor dit onderwerp.

Het boek is geschreven vanuit het personage Geraldine. Zij kijkt terug op haar leven met Lou. Lou wordt beschreven vanuit de herinneringen van Geraldine. Zij haalt Lou weer terug door over hem te schrijven, zoals hij geweest moet zijn. Zo is zij steeds weer bij hem en kan zij alles wat gebeurd is gaan accepteren.

Het verhaal begint in 1901 en omvat een tijdspanne van ongeveer twintig jaar. De proloog, die geschreven is in 1936, is jaren later. De Eerste Wereldoorlog neemt een belangrijke plaats in binnen het verhaal, net zoals de opera en de opkomst van de stomme film.

Geraldine is van oorsprong Amerikaanse maar start haar carrière in Europa. Zij wordt een van de grootste operazangeressen van die tijd. Ook wel ‘de eerste vrouw’ of ‘prima donna’ genoemd. Zij staat bekend om haar authenticiteit en onafhankelijkheid. Een voorbeeld voor veel jonge meisjes die niet meer naar de geldende regels willen leven maar steeds vrijer worden, de Gerryflappers worden ze ook wel genoemd. Geraldine zingt om het zingen zelf, niet voor een hoger doel. Dat zij rijk is en veel fans heeft is voor haar een bijzaak. Zij is vernieuwend omdat zij naast het zingen zelf ook veel acteert en de opera zo levendiger maakt. Op het podium durft zij alles van zichzelf te laten zien, al haar emoties en zelfs veel van haar lichaam. Dit wordt niet altijd goed ontvangen bij het publiek maar dit laat haar niet tegenhouden. Zo open als zij op het podium is, zo behoudend is zij in het echte leven.

Lou Tellegen is het tegenovergestelde van Geraldine. Hij drinkt het leven. Lou komt oorspronkelijk uit Nederland. Susan wil in haar boeken altijd een link naar Nederland hebben. Door zijn liefde voor kunst is hij in Parijs geraakt en mag hij model staan voor de kunstenaar Auguste Rodin. Met zijn prachtige gezicht en lichaam en levenslustige karakter is hij erg geliefd bij de vrouwen. Hij doet aan boksen, drinken en gokken. Door dit gokken verliest en wint hij geld en weet hij wat het betekent om straatarm te zijn maar heeft hij ook geproefd van het rijke leven met een grote villa in Italië. Hij komt in contact met Sarah Bernhardt, de grootste toneelspeelster van die tijd. Zij heeft Lou onder haar rokken genomen en hem begeleid als een moederfiguur. Door haar heeft Lou zijn toneeltalent weten te ontwikkelen.

Lou en Geraldine komen elkaar tegen in Hollywood, waar de eerste stomme films worden gemaakt. Voor Geraldine is dit een uitkomst omdat zij haar stem zo een tijd rust kan gunnen en Lou vindt films vooral interessant omdat hij denkt dat ze voor eeuwig blijven bestaan en hij zo bekend zal blijven. Helaas is dit niet het geval weten we nu, door de snelle opkomst van de technologie zal de filmwereld snel veranderen. Wie weet er nu nog wie Lou Tellegen is?

Hun stormachtige relatie begint hier en er volgt een huwelijk dat vier jaar standhoudt. Tijdens deze jaren, die zich grotendeels afspelen ten tijde van de Eerste Wereldoorlog, zien we hoe Lou en Geraldine zich ontwikkelen binnen hun relatie. De verschillen tussen hen, waardoor zij elkaar eerst zo aantrekkelijk vinden, worden juist de punten waardoor ze steeds verder van elkaar verwijderd raken. Lou speelt in een aantal films, maar kan geen rust vinden. Hij is afhankelijk van zijn bekendheid en wil steeds meer. Susan omschrijft deze bekendheid heel mooi als een parfum. Het vervliegt weer en je hebt steeds weer een nieuwe dosis nodig. Zelf ruik je je parfum op een gegeven moment niet meer. Op dat moment ben je zo kwetsbaar omdat je iets waar je afhankelijk van bent, kwijt kunt raken en dan niks meer hebt. Zo ging het bij Lou. Door de technologische veranderingen werden de films voorzien van geluid. Door zijn Europese accent kon hij niet meer gevraagd worden voor hoofdrollen. Dit zorgde ervoor dat hij steeds meer afdaalde naar zijn duistere kant. Geraldine die juist heel veel succes had als filmster en zangeres, zag dit proces gebeuren. Theatraal zei ze dat zijn fans hem langzaam zouden uithongeren, zijn honger naar bekendheid niet voor altijd zouden kunnen stillen.

Hun huwelijk is na vier jaar doodgebloed en na een zware scheidingsprocedure zien zij elkaar niet meer. Geraldine, dan veertig jaar, kan zich niet meer volledig geven in haar opera’s en besluit om te stoppen en met pensioen te gaan. Twaalf jaar later zijn we weer bij de proloog en hoort zij dat Lou zelfmoord heeft gepleegd. Hij heeft zijn rust en geluk niet meer kunnen vinden.

opera-star-geraldine-farrar-left-and-her-husband-louis-loutellegen-in-chicago-farrar-was-a-famous-s

Susan vertelt dat zij twee en een half jaar heeft gewerkt aan dit boek. Het vergt heel veel onderzoek om alle feiten te kennen en de personages te doorgronden. Zij herkent zich meer in het personage Geraldine, maar ze houdt van haar en Lou allebei evenveel. Susan wil dat haar personages in elk boek een innerlijke transformatie doormaken. De lezer kan hier ook wat van leren. In dit boek is dit zeker gelukt. Er staan veel wijsheden in waarin ik Susan doorheen hoor klinken. Bijvoorbeeld het volgende fragment: “Een bloem kan zich oprichten naar de zon en groeien, maar een bloem kan zichzelf niet veranderen in een andere bloem. Je kunt je aard maar beter omarmen, want je zult het er de rest van je leven mee moeten doen.” 

Het schrijven was voor haar persoonlijk ook heel intens omdat zij nog niet zo lang geleden is verlaten door haar man. Het brengt veel emoties naar boven. Zij omschrijft zowel het schrijven als lezen als een proces van zelfheling. Als lezer word je ook geconfronteerd met emoties en door die opnieuw te beleven, kunnen ze verwerkt worden.

Na al deze mooie woorden loopt de lezing ten einde. Nadat Susan mijn boek heeft gesigneerd loop ik gelukkig de boekhandel uit. Ik zal vaker lezingen gaan bezoeken en deze avond heeft me geïnspireerd om serieus verder te gaan met schrijven. Om het in de woorden van mijn buurman van die avond te zeggen: ‘Misschien zit jij over een paar jaar wel op de plek van Susan te vertellen over je eigen boek.’

img_8625

Meer over Susan Smit kun je vinden op haar website: www.susansmit.nl.

Begin volgend jaar zal haar nieuwe boek uitkomen dat ze samen met Marion Pauw heeft geschreven ‘Hotel hartzeer’.