Moet je altijd eerlijk antwoorden op de vraag: hoe gaat het?

Onderstaande artikel, geschreven door Susan Smit, las ik gisteren op happinez.nl. Voor heel veel mensen zal dit herkenbaar zijn, en met name voor degene die ziek zijn en zich vaak niet zo goed voelen. Maar vertel je dat iedere keer als iemand je vraagt hoe het gaat? Tegenwoordig is deze vraag een automatisme geworden. Degene die het vraagt, verwacht eigenlijk geen antwoord, of het antwoord dat het ‘goed’ gaat. Wanneer je zegt dat het niet zo goed gaat, weten veel mensen niet hoe ze moeten reageren, want dat hadden ze niet verwacht. Zelf weet ik nu wel bij welke mensen ik eerlijk vertel hoe ik me voel en bij wie ik het kort houd en zeg dat alles goed gaat. En soms heb je ook gewoonweg geen behoefte om alles wat niet goed gaat op te rakelen.
———————————————————————————————————————————————
19 SEPTEMBER 2017

Moet je altijd eerlijk antwoorden op de vraag: hoe gaat het?

BLOG SUSAN ‘Hoe gaat het met je?’ is een vraag die bijna dagelijks aan je wordt gesteld. Maar hoe moet je daarop antwoorden als het niet zo goed gaat? Moet je altijd eerlijk zijn, of is het ook oke hier luchtig over te liegen?

‘Als mensen vragen hoe het met me gaat, moet ik dan eerlijk antwoord geven?’ vroeg een vriendin aan me. Ze lijdt aan een depressie en is juist aan het opkrabbelen, maar heeft nog slechte dagen. Ik moest daar even over nadenken. ‘Ja, prima’ jokken om ervan af te zijn voelt niet goed, maar vanuit plichtsbesef aan Jan en Alleman je ziel blootleggen is ook niet handig. ‘Als je voelt dat de vraag niet meer dan beleefd bedoeld is of als je de kracht ervoor niet kunt vinden,’ adviseerde ik uiteindelijk, ‘dan doe je gewoon een onbestemd knikje en vraag je snel: ‘En jij?’

Een oude truc die ik meermaals heb toegepast in het jaar na de breuk met de vader van mijn kinderen. Ik ben genetisch belast met niet kunnen liegen, maar deze strategie hielp me een dag met schoolpleinmoeders en borrels met vage kennissen door.

Na een tegenslag is het goed om er met anderen over te praten, ja. Het uiten van je verdriet en de dingen op een rijtje zetten in gesprek met anderen helpt de verwerking. Maar dan graag alleen met je inner circle. En als jij er behoefte aan hebt.

Het almaar reproduceren van Het Verhaal over je depressie, scheiding, faillissement of verlies van een dierbare tegen buurtgenoten, moeders van school en vriendinnen van vriendinnen helpt je niet. Integendeel: je wordt op die manier steeds naar beneden met je neus in het verdriet gedrukt. Je gaat terug naar eerdere fasen en de reacties die je toen voelde in je lichaam worden weer opgeroepen. Denk aan een citroen en je produceert speeksel, kijk naar een enge film en je hartslag gaat omhoog. Jouw lichaam en onderbewustzijn maakt geen onderscheid tussen wat nu gebeurt en wat je in gedachten herbeleeft. Het herkauwen van alle hoe’s en waarom’s (want er komen gegarandeerd vervolgvragen) put je uit en helpt je geen steek verder.

Soms ben jij degene die het onderwerp aansnijdt. Dan hoor je jezelf iets herhalen tegen een goede vriendin of het complete verhaal doen tegen een vage bekende zonder dat het verse inzichten oplevert.

Piekeren doe je niet altijd in je eentje.

Je zou je beter moeten voelen nadat je je hart hebt gelucht, maar je voelt je het tegenovergestelde. Terneergeslagen. Down. En een beetje smerig. Alsof je een vuilniszak over jezelf (en de ander!) hebt uitgestort die je eigenlijk langs de kant van de weg had moeten zetten. Er komt een punt dat delen niet meer helpt, maar juist tegenhoudt in je verwerkingsproces.

Tip: leer een paar standaardzinnen uit je hoofd voor als je je verhaal even niet wilt doen. Dat voorkomt dat je te veel in details treedt en zorgt ervoor dat er niet steeds allerlei emoties opgerakeld worden. Standaardzinnen verliezen hun lading en worden neutraal. Onthoud: je bent niemand een verklaring schuldig. Houd het kort of zeg iets als: ‘Ik praat er liever op een ander moment met je over, als het allemaal wat rustiger is.’

Dat is niet nep. Dat is niet fake of kil. Het is pure zelfbescherming.

Susan Smit

Bron: happinez.nl